Zie ik je straks online?

Ze zitten naast elkaar. De bus schokt van links naar rechts. Zij botst af en toe tegen zijn schouder. Hij kijkt naar haar handen. Ze prult met de ene nagel aan de andere. Is zij niet veel te jong voor die neuspiercing? En dat ringetje in haar wenkbrauw? Dat moet toch pijn hebben gedaan.
“Ik ben blij dat ik gekomen ben”, zegt hij.
Zij kijkt op hem naar hem, naar zijn miezerig sikje en glimlacht.
“Het was maar kort”, gaat hij verder.
“Je moet ook van ver komen”, zegt ze fluisterzacht en kijkt naar buiten. De bus wacht voor een verkeerslicht. Buiten springen twee honden naar elkaar. De baasjes snokken aan de leiband.
“Zie ik je straks terug online?”
Zij kijkt van de honden naar de jongen en glimlacht voorzichtig. “Ja” piept ze als een klein musje. “Wel pas heel laat. Mijn vader is weer thuis. Ik mag niet op de computer na negen. Dus moet ik wachten tot hij slapen gaat.”
“Dat is goed. Ik zie je wel verschijnen.”
De bus vertrekt weer en draait het stationsplein op. De jongen neemt zijn zwarte rugzak met pinnen op zijn schoot. Als de bus stopt valt hij bijna op haar. Ze wrijft nerveus door haar haar en glimlacht naar het sikje. De jongen mompelt een excuus en staat recht.
“Dag.”
Het meisje glimlacht een seconde. Ze prult met haar lange zwarte haren.
“Tot vanavond.”
De bus rijdt verder. De jongen blijft even staan en zoekt iets in zijn zakken. De speakers van de bussen vermengen zich met de aankondigen van de trein.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Ik schrijf U leest en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s